In gesprek met Hans Erik Dijkstra – deel 1

Dit is het eerste deel van een drieluik over Hans Erik Dijkstra dat in de komende drie weekbrieven zal verschijnen; 1: Jeugd en hoe het allemaal begon, 2: Docent en correpetitor en 3: Uitvoerend musicus

25 juni
In gesprek met Hans Erik Dijkstra door Mies Wits-Douw

Deel 1  Hoe het allemaal begon

De tropenpiano
Als ik om 10 uur aanbel, ligt zoon Joris (15) nog te slapen. Hij is pas geslaagd voor zijn eindexamen. Zijn zus Nynke (17) is ook geslaagd; zij is nu op vakantie.
Vriendin Niki opent lachend de deur, Hans Erik komt zo. Ze was “nog even aan het stofzuigen want met al die drukte is het er nog niet van gekomen.”  Hier woont alleenstaande vader Hans Erik Dijkstra met zijn twee kinderen. Hun moeder Els, woont na een ernstig ongeluk, sinds 2005 in een verzorgingshuis voor mensen met NAH (niet-aangeboren hersenletsel).
Niki herken ik van toen ze een keer de muziek omsloeg voor Hans Erik.
“Ja klopt, beaamt ze stralend, ik ben de „bladslaaf“!”
Niki studeert zang aan het conservatorium, nadat ze jarenlang werkzaam was in de financiële sector.

Ze laat me binnen in de kleine en gezellig volle woonkamer. Eén wand is helemaal bedekt met kasten die uitpuilen van bladmuziek en cd’s. Op de vloer daarvoor staan ook nog honderden cd’s opgestapeld, met daartussen een prachtig gebloemd servies: alles onlangs verkregen uit een erfenis. „Waar Hans Erik het allemaal moet laten is nog een uitdaging“, lacht Niki. Tegen de andere wand staat een lichthouten piano, bedolven onder stapels bladmuziek.
Dan komt Hans Erik thuis; nadat Niki hem heeft uitgelegd wat ze in de wasmachine heeft gestopt en wat daar straks mee moet gebeuren, vertrekt ze naar haar eigen woning.
Hans Erik maakt koffie, we gaan aan tafel zitten en het gesprek kan beginnen.

Kun je je herinneren wanneer je voor het eerst een piano zag?
Hans Erik grijnst… en dan blijkt hij over een spraakwaterval te beschikken waar ik op koor nooit eerder iets van gemerkt heb.
“Dat is wel een leuke vraag; nee dat denk ik niet, want die was er altijd al. Het is de piano die je hier nog steeds ziet staan. Deze piano is het huwelijkscadeau van mijn opa aan mijn moeder. Van deze piano’s zijn er niet zoveel; het is een tropenpiano. Mijn moeder is in Indonesië geboren en deze piano is goed bestand tegen al te grote temperatuurschommelingen, droogte of vocht.”
Muziek speelde een belangrijke rol in het gezin waarin Hans Erik opgroeide. Zijn moeder, Ineke, was een verdienstelijk amateurpianist die altijd lessen is blijven volgen, en ook speelde ze mandoline. Maar voor haar vier kinderen ging het minder vlot met pianoles. De oudste, Jan Peter, kon totaal niet overweg met de pianolerares en kapte ermee. Broer Robert Jan was dyslectisch en kon geen bladmuziek lezen. Ineke en Douwe Dijkstra wilden bij hun derde zoon Hans Erik “het noodlot voor zijn” door hem dan maar helemaal niet aan pianoles te laten beginnen. Wel vonden ze dat muziekles bij de opvoeding hoorde, en klarinet was ook een mooi instrument. Dus werden Hans Erik, toen zeven jaar oud, en Robert Jan samen naar klarinetles gestuurd. In het begin was het lastig studeren….ze kregen namelijk samen één klarinet met twéé mondstukken…!!

Over de tropenpiano zegt Hans Erik dan: “Toch blijven tegenwoordig de toetsen wel hangen als het droog weer is… maar hij is nu te oud om hem nog te laten reviseren.” Hans Erik repeteert op de vleugel in zijn werkkamer aan de muziekschool, of bij Niki thuis op haar vleugel. Hij studeert nauwelijks meer op de tropenpiano. “De buurvrouw heeft er te veel last van.”
Douwe Dijkstra, vader van Hans Erik, was marconist op de grote vaart. Hij kon heel goed op zijn gehoor spelen en makkelijk improviseren: “Meestal een beetje in de jazzhoek. Als hij muziek hoorde kon hij het zo naspelen, zonder dat hij een noot kon lezen.
De familie Dijkstra verhuisde naar Oosterhesselen in Drenthe. Daar was een fanfareorkest, maar de fanfare heeft niet veel aan klarinettisten; wél aan saxofonisten. Geen probleem voor Hans Erik: naast klarinet ging hij óók op saxofoonles.

Pianomuziek
De jongens Dijkstra liepen al jong een krantenwijk. Hans Erik kon daar soms knap lang over doen. Want bij een van de huizen stond hij wel eens een half uur met de krant in zijn hand te luisteren; vooral als het raam openstond. De bewoner speelde dan namelijk piano, heel vaak de 1e Arabesque van Debussy: een verpletterende ervaring voor de kleine Hans Erik. https://www.youtube.com/watch?v=Yh36PaE-Pf0

Het was dus de bedoeling dat Hans Erik zich op de klarinet en saxofoon concentreerde. Hij mocht niet aan de piano komen en ook niet aan de platenspeler: dat moest dus stiekem. Als er niemand thuis was zat hij wel eens “een beetje te pielen”. Tot zijn broer Robert Jan onverwacht toch een keer boven was en hem hoorde spelen. Die maakte een opname met zijn cassetterecorder, en liet dat aan hun ouders horen. Het gevolg is bekend: Hans Erik mocht op pianoles.
Via via kwam hij terecht bij Ina Kunstman, zelf nog student aan het conservatorium. Hans Erik, haar eerste pianoleerling, was toen 13 jaar.
“De lessen bij Ina waren ontzettend leuk, ze duurden vaak een hele ochtend of middag en dan bleef ik meteen maar mee-eten“. Hij werd een studieproject voor Ina, want een leerling die na een jaar al Mozart sonates speelde was een behoorlijke kluif voor haar, en moest regelmatig met haar supervisor worden besproken. Hij was geen doorsnee leerling; Ina speelde voor Hans Erik ook stukken waar ze zelf aan werkte en dan praatten ze erover.

Steeds meer muziek
Intussen dacht zijn moeder na over zijn muzikale ontwikkeling. Daarom begon ze hem mee te nemen naar concerten in de Tamboer in Hoogeveen, maar ook naar het Concertgebouw in Amsterdam.
Bij die concerten kwam de familie Dijkstra onder andere in contact met de familie De Groot, die in een boerderijtje buiten het dorp woonden. Kunstzinnige mensen. Hen leek het een goed idee als Hans Erik, naast Ina, nóg een leraar zou krijgen, en vonden voor hem Henk Stekelenburg. Om Ina niet voor de voeten te lopen ging Henk met Hans Erik werken aan nieuwe muziek vanaf 1900, en aan theorie zoals harmonieleer.
Het geluk hielp Hans Erik nog een handje, want het echtpaar De Groot had een vleugel aangeschaft voor een nichtje dat aan het conservatorium zou gaan studeren. Nichtje koos echter voor een studie diergeneeskunde. Een en een was twee, dus zo gebeurde het dat Hans Erik een paar keer in de week naar de familie de Groot fietste, met een tas vol boeken, om op die vleugel te studeren. In dit artistieke milieu werd geschilderd en veel naar muziek geluisterd: een inspirerende omgeving.

Net als bij Ina konden de lessen van Henk makkelijk een hele ochtend of middag duren, zoveel plezier had Henk blijkbaar in deze leergierige en talentvolle leerling. Achteraf, nu hij zelf docent is, realiseert Hans Erik zich wat die uren allemaal gekost moeten hebben.
Intussen gingen de blaaslessen ook gewoon door. En Hans Erik begon te componeren. Nadat hij een keer een compositie aan de theoriedocent van Ina, Theo Willemze, had gestuurd, volgde daaruit een maandelijkse correspondentie over muziek en componeren.
Na zijn eindexamen wilde Hans Erik (toen 16) naar het conservatorium. Maar zijn leraren en coaches raadden hem dat ten stelligste af: „Voor piano ga je afgewezen worden, je hebt nog geen drie jaar les. Verder ben je te jong om op kamers te wonen en bovendien krijg je geen studiebeurs op je 16e…!“

Na wijs beraad werd besloten dat Hans Erik toelatingsexamen zou doen voor compositie en klarinet (op de sax werd in die tijd nog geen klassieke muziek gespeeld). Als hij dan eenmaal binnen zou zijn kon de piano er als bijvak altijd nog bijkomen.
Maar dan kenden zijn begeleiders de 16-jarige Hans Erik nog niet. Hij was naast talentvol namelijk ook nogal eigenwijs. Hij schreef zich tóch in voor het toelatingsexamen piano.
Onder het motto “baat het niet, het schaadt ook niemand” speelde hij, naast de voorgeschreven etudes en sonates, doodleuk een eigen compositie. En ja hoor: hij werd toegelaten, ging bij een gezin in de kost, en betrad als 1e jaars het conservatorium in Enschede!

Inmiddels speelt Hans Erik geen klarinet of sax meer; maar tot op de dag van vandaag speelt hij quatre mains met zijn allereerste pianolerares: Ina Kunstman….

In de volgende weekbrief deel 2: Docent en correpetitor